Reactie FNLI, CBL en LTO op publicatie ACM over Kip van Morgen ACM slaat bodem onder verduurzaming uit

Reactie FNLI, CBL en LTO op publicatie ACM over Kip van Morgen ACM slaat bodem onder verduurzaming uit

27 januari 2015


LTO Nederland, FNLI en CBL betreuren dat de ACM de verduurzamingsafspraken omtrent de Kip van Morgen in strijd acht met de Mededingingswet. De analyse is een spaak in het wiel van een belangrijk verduurzamingsinitiatief, waarmee de sector een antwoord geeft op urgente maatschappelijke vraagstukken omtrent dierenwelzijn en milieu. Bovendien zet dit een rem op andere en toekomstige verduurzamingsinitiatieven. Wanneer het mededingingsrecht verduurzaming frustreert, staan de Nederlandse en de Europese overheden en politici voor een fundamenteel vraagstuk: timmeren we alles vast in onwerkbare wetgeving, wachten we nog jaren af totdat alle consumenten om duurzaamheid vragen, of bieden we het bedrijfsleven samen met maatschappelijke organisaties de ruimte om verduurzaming stapsgewijs, gezamenlijk en in ketenverband op te pakken?

In de voedingsmiddelenketen wordt geruime tijd hard gewerkt aan verduurzaming van grondstof- en productstromen. Een ketenaanpak is hierbij cruciaal: van boer tot bord wordt steeds duurzamer geproduceerd en gedistribueerd. Hiertoe is een veelheid van instrumenten nuttig, en dient het volledige spectrum tussen wetgeving enerzijds en individuele zelfregulering anderzijds benut te worden. Dit stelt ook de WRR in het onlangs gepubliceerde advies Naar een Voedselbeleid. Collectieve, pre-competitieve afspraken om productaanbod stapsgewijs te verduurzamen, zijn nodig om de markt in beweging te krijgen, en het first mover disadvantageweg te nemen.

De Nederlandse overheid en de Tweede Kamer moedigen dit soort afspraken actief aan, middels publiek-private samenwerkingsverbanden zoals de Alliantie Verduurzaming Voedsel en het Initiatief Duurzame Handel. De overheid zegt daarbij de ambitie te hebben te voorkomen dat de Mededingingswet waardevolle verduurzamingsinitiatieven blokkeert. Maar wat ontbreekt is een helder, gedegen en wetenschappelijk verantwoord methodologisch kader om verduurzamingsinitiatieven te toetsen op mededingingsrechtelijke aspecten. CBL, LTO en FNLI hebben dan ook fikse methodologische bezwaren tegen de analyse van de ACM.

De analyse van de Kip van Morgen is het openingssalvo voor een politieke en maatschappelijke discussie over de kaders waarbinnen het bedrijfsleven verwacht wordt verduurzaming effectief te versnellen. Het bedrijfsleven kan dit alleen met een overheid als constructieve en consequente partner waarvan het ene deel van de overheid, het andere deel niet tegenwerkt.

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn

Gerelateerde artikelen

FNLI: ‘Leveringszekerheid grondstoffen cruciaal voor levensmiddelenindustrie’

27 mei 2014


Beschikbaarheid en prijs van essentiële grondstoffen als soja, visolie en suiker zullen de komende tijd onder grote druk komen te staan. Dit als gevolg van de stijgende vraag naar voedsel van een groeiende en rijkere wereldbevolking, en de daaruit voortvloeiende […]

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn

Tweede Kamer geeft circulaire economie een “boost” met fosfaat-motie

9 maart 2016


Levensmiddelenindustrie: “Afval bestaat niet; alles is grondstof!” Den Haag, 9 maart 2016 – Gisteren nam de Tweede Kamer een motie aan van Remco Dijkstra (VVD) en Agnes Mulder (CDA), waarin het kabinet wordt opgeroepen zich in te spannen voor het […]

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn

FNLI en CBL ondersteunen aanpassing Beleidsregel mededinging en duurzaamheid

2 februari 2016


Vorig jaar achtte de ACM de verduurzamingsafspraken omtrent de Kip van Morgen in strijd met de Mededingingswet. Veel partijen, waaronder het bedrijfsleven, maakten zich zorgen dat deze uitspraak een rem zou zetten op andere en toekomstige verduurzamingsinitiatieven. Daarom hield het […]

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn