

13/02/2012
Nederlandse Fabrikanten van Bakkerijgrondstoffen sluiten zich aan bij Actieplan zoutverlaging
Rijswijk - NEBAFA, de Vereniging van Nederlandse Fabrikanten van Bakkerijgrondstoffen, heeft zich aangesloten bij Fase II van het Actieplan Zout in levensmiddelen. In totaal doen nu 75 bedrijven mee aan de tweede fase van het actieplan van de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI) dat als doel heeft het zout in levensmiddelen te verlagen.
De leden van NEBAFA zullen in 2012 het zoutgehalte in broodmixen verlagen naar het gewenste niveau van 1,5% op meelbasis. Zij ondersteunen daarmee het plan van de brancheorganisaties in de bakkerijsector waarmee zij samenwerken aan de verlaging van het zoutgehalte. In 2008 is het zoutgehalte in mixen voor brood en banket al op het toen gewenste niveau van 1,8% op meelbasis gebracht.
De FNLI is verheugd over de deelname van de NEBAFA aan Fase II van het Actieplan. 'De fabrikanten van bakkerijgrondstoffen zijn een zeer belangrijke partij als het gaat om de verlaging van zout' zegt Philip den Ouden, directeur van de FNLI. 'Zij werken nauw samen met de bakkerijsector en hebben al succesvolle resultaten geboekt op het gebied van zoutverlaging. Het is bij uitstek van belang dat leveranciers van grondstoffen en halffabricaten op zo'n proactieve manier voedingskundige verbeteringen stimuleren bij hun klanten. Zij laten zien hoe belangrijk samenwerking in de keten is op dit gebied en zijn daardoor een voorbeeld voor andere sectoren'
NEBAFA toont via http://www.fnli.nl/taskforce-zout.html publiekelijk haar doelstellingen op het gebied van zoutverlaging. Met de gezamenlijke doelstelling van de 19 leden van NEBAFA staat de teller van deelnemende bedrijven aan Fase II van het actieplan op 75. Het is de bedoeling dat deelname in de toekomst nog verder wordt uitgebreid.
De organisaties en bedrijven voeren zelf monitoringactiviteiten uit om na te gaan of ze op de goede weg zijn in het bereiken van hun eigen doelstellingen. Hierover rapporteren ze in 2013 (tussenrapportage) en 2015/16 (eindrapportage) bij de FNLI. Deze informatie wordt ook openbaar gemaakt. In aanvulling op deze interne monitoring zal er ook monitoring plaatsvinden over de totale breedte van de zout- of natriuminname door een onafhankelijke derde partij.

















